Overdenking kerstnachtdienst 24-12-2020

Overdenking Kerstnacht 2020 – Protestantse Gemeente Bussum (Wilhelminakerk) – 24 december 2020

ds. Wielie Elhorst
bij Lucas 2:1-20

Beste mensen,

Alweer tien jaar geleden deed een instituut in Zweden onderzoek naar het gebruik van licht bij mensen met verminderd zicht. Ruim vijftig mensen waren voor het onderzoek geselecteerd en in de verschillende dagelijkse omstandigheden van hun leven werd geëxperimenteerd met de inzet van licht. Waar eerder geen aandacht was besteed aan het licht in hun dagelijks leven, waar het zelfs goeddeels ontbrak, werd het nu heel zorgvuldig overdacht en aangebracht, in de hal, in de keuken, in de woonkamer. Na afloop werden de deelnemers in het onderzoek medisch onderzocht. Bij velen werd vooruitgang gemeten in de kwaliteit van hun zicht. Het dagelijks leven was niet één groot tasten meer. Daarnaast werd ook gemeten op psycho-sociale factoren. De vraag naar de kwaliteit van het leven van de deelnemers werd gesteld en wat bleek: ook dit bleek aanzienlijk verbeterd te zijn. De deelnemers waren aanzienlijk gelukkiger. Ze waren dezelfde mensen en toch ook anders: beter in hun vel, socialer, rijker. We nemen het bijna voor lief: dat de zon iedere dag weer opgaat, dat het licht wordt, dat het donker verdwijnt, maar weinig is zo essentieel voor ons leven, voor al het leven, voor alles wat wij kennen, als licht. De uitkomst van het Zweedse onderzoek lijkt enerzijds een open deur: natuurlijk wordt het leven beter met meer licht. Aan de andere kant laat het zien hoezeer met name mensen die kunnen zien, licht voor lief nemen, niet stilstaan wat er met je gebeurt als het in je leven ontbreekt of nagenoeg ontbreekt. Sterker nog, misschien zijn juist de ziende mensen uiteindelijk de mensen met ‘verminderd zicht’.

Misschien zou je over de tijd waarin wij nu leven kunnen zeggen dat iedereen last heeft van verminderd zicht, zonder onderscheid? Dat is natuurlijk letterlijk zo, vanwege de dagen die steeds maar korter worden, maar figuurlijk is het, denk ik, niet minder het geval. Er gaat een duister virus rond, onzichtbaar, maar het heeft het leven voor ons allemaal anders gemaakt. Zo veel dat wij vanzelfsprekend achtten, voor lief namen is niet mogelijk meer. Het leven is afgemeten geworden. We zijn meer op onszelf teruggeworpen. We kunnen niet overal heen, moeten ons vooral beperken tot ons eigen huis of appartement. Ons zicht op onze dagelijkse omgeving is minder geworden, en het lastigste daarvan is nog wel dat we een verminderd zicht hebben op elkaar. Wat missen we in deze dienst het zicht op u, nu ‘komt allen tezamen’ noodzakelijkerwijs ‘komt online tezamen’ is geworden. Voor een heel aantal mensen betekent dat verminderde zicht op hun leven ook een verlies van grip op hun bestaan. De dreiging van het duistere virus vertaalt zich in angstige theorieën over de herkomst ervan of over wie er achter zou zitten. De reactie is begrijpelijk, maar de consequentie is: verminderd zicht. Precies wat wij nodig hebben, wat zo essentieel is voor het leven: naar buiten kunnen gaan, andere mensen ontmoeten en vooral: vertrouwen, wordt minder of ontbreekt zelfs op een zeker moment. En dan wordt verminderd zicht uiteindelijk geen zicht.

Wat fijn dat wat er ook gebeurt, hoe de tijd ook verstrijkt, hoe beperkt ons zicht op elkaar, op het leven, op de wereld ook kan zijn, het feest van Kerst zich gewoon weer heeft aangediend. Midden in de winternacht van Bethlehem breekt de hemel op. De herders op het veld worden ‘omgeven door het stralende licht van de Heer’, zo hoorden wij uit het kerstevangelie naar Lucas. De handen gaan even voor de ogen, maar dan is het in één klap gedaan met hun verminderd zicht. Ze komen direct in beweging om nog dichter bij het Licht te komen dat hen midden in het duister zo stralend omgaf: bij het kind in de stal, in een voederbak. In een ander Evangelie, dat van Johannes, noemt Jezus zichzelf het ‘Licht van de wereld’. Dat is geen toeval. Na de herders op het veld zijn er duizenden, miljoenen mensen aangeraakt door dit Licht. De engelen verkondigden het, Jezus zei het over zichzelf, tallozen zijn het gaan ervaren in hun eigen leven. Dicht bij het Licht dat Jezus is, verdween het verminderde zicht op mensen zelf, op hun omgeving, op de mensen om hen heen, en won de kwaliteit van leven. Een mens zo essentieel als het licht van de zon? Kan dat? Wij geloven van wel. Anders waren wij hier nu niet. Anders deden wij niet zoveel moeite om ook onder de ingewikkelde omstandigheden van deze tijd toch zo dicht mogelijk bij u en bij elkaar te komen. Op de nagenoeg donkerste dag van het jaar, in de donkerte van wat wij nu meemaken, hoezeer velen van ons zich gelukkig goed redden, nodigen wij U uit dicht bij het Licht. Daar dicht bij dat Licht hoeft u helemaal niets te doen, dan alleen er te zijn, in verwondering over de eigenaardige kwaliteit van dat Licht: een kleine baby, een zuigeling. Is dat het begin van onze kwaliteit van leven, een verbetering van ons verminderde zicht of zelfs het einde ervan? De herders, aangeraakt door het licht, zagen het en geloofden. Ze zagen het met eigen ogen. Dat het zo begint, licht in het duister door een baby is zo veelzeggend, zo beslissend. Het licht in en door dat kindje reflecteert precies wat de kwaliteit van leven werkelijk uitmaakt: kwetsbaarheid, toevertrouwen, afhankelijkheid, zuivere liefde. Leven in dat licht maakt alles anders. Een gezegend kerstfeest toegewenst, dicht bij elkaar, dicht bij het Licht.

Amen